Schriftelijke vragen GroenLinks over stikstofuitspraak

Op 29 mei heeft de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State uitspraak gedaan in procedures over het Programma Aanpak Stikstof (PAS) 2015-2021. Het PAS is strijdig met de Europese regelgeving, zo oordeelde de Raad van State. De kern van de uitspraken van de Raad van State is dat het PAS-beoordelingskader niet meer van toepassing is op een aanvraag om een vergunning op grond van de Wet Natuurbescherming of een ander toestemmingsbesluit voor een activiteit die stikstofdepositie op Natura 2000-gebieden veroorzaakt.

De uitspraak heeft verstrekkende gevolgen voor bouw- en aanleginitiatieven in alle sectoren. De gevolgen voor vergunningverlening op grond van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht (Wabo) zijn groot. Het raakt bestemmingsplanprocedures en m.e.r.-procedures maar ook individuele vergunningplichtige activiteiten op het gebied van landbouw, industrie en bouwen. Bij heel veel initiatieven in deze sectoren is immers sprake van uitstoot en depositie van stikstof. Een ander gevolg van de uitspraken is dat de activiteiten met kleine stikstofdepositietoenames die eerder alleen meldingsplichtig of verguningvrij waren, nu alsnog verguningsplichtig zijn geworden. Kortom, het effect voor de samenleving en de impact voor velen is groot.

Het kan niet missen dat een en ander ook stevige consequenties heeft voor met name bouw- en aanleginitiatieven in Oosterhout. Ondernemers in de bouw en vele particulieren worden hierdoor getroffen want hun voorgenomen activiteiten lopen naar alle waarschijnlijkheid ernstige vertraging op. Velen zullen praktisch en financieel gedupeerd zijn. Wij horen inmiddels dat bouwaanvragen ook in Oosterhout zonder behandeling worden teruggestuurd aan aannemers en architecten en dat bouwactiviteiten stil (zijn) komen te liggen. GroenLinks stelt daarom aan het college de volgende vragen:

  1. Klopt onze informatie dat bouwaanvragen inmiddels niet meer op het gemeentehuis in behandeling worden genomen in afwachting van aanpassingen in het landelijk beleid en dat initiatiefnemers daarover al zijn geïnformeerd en zullen worden geïnformeerd?
  2. Kan het college bij benadering - of liever precies - aangeven hoeveel initiatiefnemers inmiddels hierdoor zijn geraakt?
  3. Kan het college een overall-beeld schetsen van de consequenties van de Raad van State-uitspraak van 29 mei tot nu toe en de voorziene consequenties op de korte en middellange termijn voor zowel particulieren als ondernemers, onder meer ten aanzien van het te verwachten oponthoud?
  4. Meer specifiek: welke gevolgen heeft een en ander voor de grotere projecten Uitbreiding Everdenberg, aanleg wegen over de Houtse Akkers/Heistraat/nieuwe ontsluiting Everdenberg, aanpassing De Bromtol, bouwwerkzaamheden Contreie, bouwwerkzaamheden Zwaaikom/Kanaaleiland en bouwwerkzaamheden Bredaseweg/voormalig PDM-terrein?
  5. Wij hebben kennisgenomen van de VNG-brief van 16 juli jongstleden over dit onderwerp, maar waarom heeft het college tot op heden niet de gemeenteraad uit zichzelf geïnformeerd over deze waarschijnlijk grootschalige en ingrijpende consequenties voor ondernemers, particulieren en organisaties in Oosterhout?
    In dat verband willen wij ook graag inzicht in de ingevulde VNG-enquete en de beantwoording van de provinciale brief terzake.
  6. Kan het college aangeven welke financiële consequenties een en ander kan hebben voor de gemeentebegroting ?